Lokeren kampt met een tekort aan noodwoningen. Gemeenteraadslid Senna Poppe (Vlaams Belang) informeerde naar een stand van zaken. Uit de opgevraagde informatie blijkt dat er in Lokeren zes noodwoningen zijn, maar ook dat het stadsbestuur de voorbije drie jaar maar liefst € 38.317,95 betaalde om gezinnen op te vangen in hotels. “Dit toont duidelijk aan dat er een tekort is. Als er morgen een brand uitbreekt in een appartementsgebouw en meerdere gezinnen dakloos worden, is het door het tekort aan noodwoningen in Lokeren onmogelijk om deze slachtoffers een dak boven hun hoofd te geven,” stelt Poppe.
Momenteel telt Lokeren zes noodwoningen. Vijf daarvan maken deel uit van het project Leegstand, een samenwerking tussen het OCMW en CAW-Tuinwijk. In dit project worden leegstaande woningen, in afwachting van renovatie, door Tuinwijk ter beschikking gesteld. De verblijfsduur bedraagt maximaal zes maanden en kan uitzonderlijk met nog eens zes maanden worden verlengd. Daarnaast wordt één noodwoning via het OCMW verhuurd. Verder is er nog crisisopvang Honinggraat, waar één kamer met twee bedden beschikbaar is.
Op dit moment zijn er 70 referentieadressen toegekend door het OCMW. Het gaat om mensen die dak- of thuisloos zijn maar via een referentieadres nog steeds post kunnen ontvangen. Dit is enkel een administratieve oplossing. De meesten kunnen tijdelijk terecht bij familie of vrienden. Gezinnen zonder sociaal vangnet liet het stadsbestuur echter in hotels verblijven. Over een periode van drie jaar leidde dit tot een kostenplaatje van €38.317,95. Eén gezin verbleef zelfs vijf maanden in een hotel, wat €14.496 kostte voor de belastingbetaler. “De oorzaak hiervan is een nijpend tekort aan noodwoningen. Als er morgen een brand uitbreekt in een appartementsgebouw en verschillende gezinnen dakloos worden door brand-, rook- of waterschade, is het onmogelijk om deze slachtoffers op te vangen,” aldus Poppe.
Het stadsbestuur heeft recent een taskforce ‘dakloosheid en wonen voor kwetsbare Lokeraars’ opgericht, met als doel de problematiek grondig in kaart te brengen en beleidsaanbevelingen te formuleren op twee sporen: preventie van dakloosheid enerzijds en hulpverlening bij dakloosheid anderzijds. Volgens Poppe is dit echter een druppel op een hete plaat.
“Noodwoningen zijn er niet alleen voor mensen die uit hun huurwoning worden gezet. Ook personen die te maken krijgen met huiselijk geweld of noodsituaties zoals brand of instortingsgevaar door een natuurramp hebben ook recht op een noodwoning. Het is een politieke keuze om niet meer te investeren in noodwoningen, wat voor het Vlaams Belang volstrekt onbegrijpelijk is,” besluit Poppe.